zorg

A. Algemene visie

In onze school stellen we het kind centraal. We respecteren elk kind individueel.
We helpen kinderen ontwikkelen tot evenwichtige persoonlijkheden. We zorgen dat de 3 centra : hoofd(denken), hart(voelen) en handen(doen) voldoende aan bod komen zodat elk kind maximale ontwikkelingskansen krijgt.
We hebben respect voor elkaar en de anderen in hun “anders-zijn.” (zowel denken, handelen, andere cultuur en godsdienst, andere thuissituatie, anders-bedeelden, anders-validen,…)
We geloven in de veranderbaarheid van elk kind. Ondanks grenzen en beperkingen geloven wij dat kinderen door een goede begeleiding verder kunnen groeien.
Kinderen staan positief tegenover het leven en de wereld. Onze school wil aansluiten bij die positieve ingesteldheid.
We vertrekken van wat het kind al kan en kent. We bouwen samen met hen verder zodat ze zich nieuwe vaardigheden, nieuwe inzichten en nieuwe kennis kunnen eigen maken.
We bieden onze kinderen op de eerste plaats goed onderwijs aan. Iedere leraar in zijn/haar klas staat in voor een zo goed mogelijk begeleiden van zijn/haar leerlingen.
De leraars kunnen beroep doen op een zorgcoördinator of een gok-leraar om hen te helpen in het verstrekken van zorg zodat ze zoveel mogelijk kinderen zo ver mogelijk kunnen brengen.
Daarnaast verbreden we de zorgen voor kinderen waar de ontwikkeling anders verloopt dan verwacht (sneller of trager). Om deze kinderen zo goed mogelijk te begeleiden werken we samen met de ouders, het CLB, gespecialiseerde centra en scholen voor buitengewoon onderwijs.

B. Zorgbreedte in de school

Onder zorgbreed werken (zorgbreedte) verstaan we de zorg die iedere leerkracht besteedt om met kwaliteitsonderwijs optimale ontwikkelingskansen te bieden aan alle leerlingen.
Bij het uitbouwen van kwaliteitsonderwijs staat preventie centraal. De leerkracht bouwt zijn of haar klas uit tot een leeromgeving waarin elk kind, ongeacht zijn leervermogen, zijn voorkennis, zijn sociale situatie of afkomst, aan zijn /haar trekken komt.

Dit betekent dat elke leerkracht zicht probeert te krijgen op de ontwikkeling van de leerlingen om hen vervolgens gericht te helpen en te geven wat ze nodig hebben.
Daarbij wordt rekening gehouden met het feit dat elk kind ontwikkelt volgens een eigen tempo en eigen ritme.

C. Zorgverbreding

Wanneer een zorgbrede aanpak in de klas niet volstaat, doen we alles wat in onze mogelijkheden ligt om die zorg verder open te trekken. Voor kinderen van wie de ontwikkeling anders verloopt dan normaal (trager of sneller) en bij de leerlingen die dreigen kansen te missen, is extra zorg noodzakelijk.
Die zorgverbreding is een uitdaging voor het hele team.
Waar nodig doen we beroep op externe hulp of verwijzen we de ouders naar de juiste instanties om hen te begeleiden.

D. Organisatie

Zorg vergt een hele organisatie. We werken op verschillende manieren en met verschillende mensen samen om de zorg op school zo optimaal mogelijk te laten verlopen.

  1. Het zorgteam
    Het zorgteam bestaat uit de directeur, de zorgcoördinator en de zorgleerkrachten.
    Het zorgteam komt regelmatig samen en overlegt alle onderwerpen i.v.m. de brede zorg van de school.
  2. De MDO’s
    Maandelijks worden er MDO·s georganiseerd. Daarbij worden de vorderingen van de leerlingen besproken en wordt nagegaan voor wie en welke extra zorgmaatregelen nodig zijn.

De MDO’s voor het lager gaan door na observatie van betrokkenheid en welbevinden bij de leerlingen en na het afnemen van de LVS toetsen. De MDO’s voor het kleuter volgen op observaties in de kleuterklas.

Naast de “gewone” MDO’s kunnen leerkrachten, ouders, het CLB, de zorgcoördinator, de logopedisten en het revalidatiecentrum een MDO aanvragen als daartoe nood bestaat.

Daarnaast werken we samen met het CLB, diverse logopedisten en revalidatiecentra.